Een lach en een traan

Hij is een echte audiofiel. Tenminste, zo noemt deze jonge zestiger zichzelf. Hij heeft een muur vol cd’s en is heel Europa doorgereisd om concerten bij te wonen; muziek is zijn lust en zijn leven. Nu merkte hij dat zijn gehoor, overeenkomstig zijn leeftijd, wat slijtage begon te vertonen en hij maakte een afspraak bij één van onze audiciens.

 

Het klikte meteen tussen die twee, de collegae hoorden regelmatig luid gelach uit de spreekkamer komen. Onze muziekliefhebber bleek, behalve een man met humor, één van die mensen te zijn die ook écht de kwaliteit van de audioapparatuur kan horen. Hij kan zich wat veroorloven, zo merkte hij op; hij had in zijn huis het beste van het beste opgesteld. Luidsprekers ter grootte van een kledingkast, een versterker ter waarde van een klein autootje en kabels met een gouden mantel om ruis en verliezen in de kwaliteit van de muziek te beperken. Logisch dat het gehoorverlies, al was het nog klein, hem hinderde.

Toen de audicien de prijs noemde van het hoortoestel, dat hem weer volop van al deze heerlijkheden zou laten genieten, zei hij enigszins verbijsterd: Dát is duur!  Waarop hij zelf meteen inzag hoe vreemd die opmerking was. Hij had het beste van het beste uitgekozen voor alle onderdelen van zijn muziekliefhebberij en nu zou hij op het belangrijkste stukje, nl. de werking van zijn eigen oren, bezuinigen. Vergeleken met zijn muziekinstallatie was het zelfs beslist het goedkoopste. Hij moest er zelf het hardste om lachen. Op zich is het niet zo gek, audio-apparatuur (en ook camera’s, auto’s, horloges en dergelijke) is niet alleen gebruiksvoorwerp, maar óók een statussymbool, zover zijn we met hoortoestellen nog niet!

Bij de aanpassing liet de audicien een klein stukje van Bachs Goldberg variaties horen, op de “gewone” geluidsinstallatie die we in de winkel hebben. Toen lachte hij niet, maar pinkte een traan weg.

 

Lies & Mariëlle